Een van de hoogtepunten in ons familieleven van 1992 was het huwelijk van Paul en Marlies. Als enige tante en aangetrouwde oom van Marlies, de dochter van Dick, waren wij daarvoor natuurlijk uitgenodigd. Paul Jansen, zoon van een van de betere kledingzaken in Assen indertijd, ging voor chique en zo werden wij geacht in passend ornaat te verschijnen. Dus moest ik zelfs een jacquet huren en moest Ina zich een bijpassend toilet aanmeten. Ook de kinderen werden flink opgedirkt. Carolien kreeg een hoed zo groot als een kleine parasol op en Robert Jan had geloof ik voor het eerst een colbertje aan. San droeg een mooi rood hoedje. Het gezelschap zag er om kort te gaan zeer feestelijk uit. Ina had een wel heel bijzondere hoed op.

bruiloft Paul en Marlies


 Op de uitgebreide uitnodiging stond het programma van deze dag. Het bleek dat er nogal wat van ons verwacht werd. De burgerlijke voltrekking van het huwelijk zou plaatsvinden in het gemeentehuis van Dwingeloo. Helemaal aan het andere eind van de provincie dus. Waarom dat daar helemaal moest was ons niet duidelijk, zeker vanwege de standing van het gebouw, maar wij hadden uiteraard geen inspraak in de programmering gehad en moesten ons dus neerleggen bij het uitgezette parcours, dat ons die dag kriskras door de provincie zou voeren.

 bruiloft Paul en Marliesbruiloft Paul en Marlies























Na de burgerlijke voltrekking in Dwingeloo moesten we ons begeven naar de kerk in Assen. Naar de Katholieke kerk wel te verstaan. Dat hadden we een jaar eerder nog niet kunnen bevroeden. Maar Marlies was tot het Katholieke geloof toegetreden. Zo ben je niets, want aan haar ouders hadden we nooit enig spoor van kerksheid of geloof kunnen ontdekken en zo ga je Katholiek worden. Het geheim daarvan lag echter bij Paul, haar geliefde. Die was een telg van de in Assen vooraanstaande katholieke familie Jansen , eigenaar zoals gezegd van de beeldbepalende kledingzaak Herman Jansen. Als Herman Jansen het je als vrouw niet naar de zin kon maken kon je eigenlijk alleen nog maar naar Groningen in die tijd. Tenminste als je reputatie van burgerdame niet min of meer te grabbel wilde gooien.

Maar Katholiek word je niet zo maar. Het is wel iets meer dan de zondagsschool die ik in mijn vroege jeugd nog doorlopen heb. Aan de doop gaat een lange leerschool van catechisatie en belijdenissen doen aan vooraf. De feestelijke doop, die als sluitstuk daarvan gold, hebben wij als familie ook meegemaakt. Als heidenen waren wij tot de ceremonie toegelaten. Sandra , het jongste heidentje, had zelfs mogen assisteren met het aanreiken van een of ander attribuut. Daar was ze toen speciaal voor aangekleed.

doop Marlies
bij doop Marlies










Intussen was het door al dat heen en weer gerij en de dienst in Dwingeloo aardig in de tijd opgeschoten. We begonnen knap trek te krijgen. Ina had hier echter niet op gerekend en geen broodjes en krentenbolletjes meegenomen. Het was geen vakantie. Uiteindelijk ben je gast en mag je dus aannemen dat er voor je gezorgd wordt. Maar in het programma was geen ruimte voor een lunch ingeruimd.

Gelukkig was de kerk in de buurt van het kerkplein, waar de Hervormde kerk van Assen stond. Aan dat kerkplein lag de ons nog bekende cafétaria Luken. Cafétaria Luken fungeerde in onze middelbare schooltijd zo´n beetje als de hotspot van ons sociale leven. Daar kwam tenminste nog eens iemand en hij had goed spul, die Luken. In het pand daarnaast was het café van Tees Smit gevestigd en daar zou volgens onbevestigde geruchten de enige hoer van Assen resideren. Of die nou Tees heette heb ik nooit begrepen, want wij bleven daar verre van. Het ging ons alleen om patat en kroketten. En dat was nu, dertig jaar nadien, dus ook het geval.

Eigenlijk was er helemaal geen tijd voor, want de mensen gingen de kerk al binnen. Ik geloof dat we toen met draaiende motor voor de cafétaria hebben gewacht tot er iets eetbaars gepresenteerd kon worden. Dat hebben we toen in de auto verdeeld en haastig verorberd. Volgens Carolien zijn zij en Ina (of mogelijk wij allen) echter naar Oma's huis aan de Emmastraat gegaan en hebben daar gauw een krentenebolletje gescoord. Als gevolg daarvan kwamen wij als laatste de kerk binnen. Ik denk dat Dick toen al een paar keer verstoord achterom had gekeken. Want daar was hij wel goed in. Het moest altijd precies volgens protocol gaan. Onze honger was echter maar nauwelijks gestild. Na de kerkdienst vertrokken we volgens protocol naar café restaurant de Hertenkamp. Dat was tenminste vlak bij.

Aan dit établissement bewaarde ik nog wel goede herinneringen. Het was in onze middelbare schooltijd een soort dancing, die over zijn hoogtepunt heen was. Echt een gezellige ouwe meuk .Voor schoolfeesten was het nog goed genoeg. Daar kwamen dan de jongens en meiden van zowel de HBS als de MULO en het gymnasium. Van het gymnasium zag je er nooit veel. Dat waren toen ook al de boekenwurmen natuurlijk. Tegenwoordig zouden we ze nerds noemen. Maar van de MULO kwamen er wel leerlingen. Ina heb ik daar echter nooit gezien.

Het absolute hoogtepunt was het feest waarbij het dansen allengs overging in hossen en we al hossend ten slotte door de vloer gingen. Het ging als het taaien op dun geworden ijs. De eigenaar, de heer Bandringa, een driftig klein manneke en nog bijna kaal bovendien, liep rood aangelopen tussen het gejoel door en probeerde de opgewonden jongelui zijn tent uit te werken. Daarna is het nooit meer wat geworden met de Hertenkamp. Tot de zaak tegen de vlakte ging en er een nieuwe Hertenkamp werd opgetrokken. In moderne stijl en een stuk chiquer dan zijn voorganger.

Daar zou de receptie plaatsvinden. En daar zou ook de prestigieuze bruidstaart worden aangesneden. Aha ,daar zouden wij dus weer iets van gading voor onze “binnenlandse zaken” krijgen. Het duurde echter nog een gebed zonder eind voor het zover was. Nou, de taartpunt gaf enig soelaas, samen met de hapjes die tijdens de receptie werden geserveerd. Maar het knagende gevoel in de maag verdween toch niet echt.
Door het veel te uitgebreide protocol was het programma enorm uitgelopen en zo geschiedde het dat wij pas tegen een uur of negen naar de locatie voor het laatste bedrijf trokken. Dat was het ook al chique “Les Grilllons” in Glimmen. Dit was toentertijd een van de meest sfeervolle restaurants van Groningen. In het wit opgetrokken en schoon gelegen tussen lommerrijk geboomte.

Het laatste wat ik mij van deze onvergetelijke trouwpartij herinner is dat ik, toen we zo tegen tien uur het hoofdgerecht opgediend kregen, de enorme steak die daarvan het piece de résistance vormde , in de verste verte niet op kon. Ik, die er toch om bekend stond dat hij een bord, hoe hoog opgetast ook, wist weg te werken. Blijkbaar ging het hier om een natuurlijke reactie van mijn maag op het weinige voedselaanbod van die dag. Hij zou wel iets gekrompen zijn. Of het kwam van het late tijdstip. Maar hoe dan ook, mijn maag kon de plotselinge toevoer nu niet meer aan. Jammer, jammer , jammer. Maar ik bleek niet de enige te zijn.

Zo zie je maar weer dat als je te veel van het goede wilt en dat alles tot in de perfectie wenst uit voeren, je nog wel eens lelijk op de koffie kunt komen.

Misschien dat deze ervaring op mijn kinderen nog wel een diepere indruk heeft gemaakt dan op mijzelf. Want zij hebben het tot nu toe nog niet verzonnen zelf ook eens een huwelijk te organiseren, al was het maar voor één keer. Misschien wel omdat ze, indachtig deze onvergetelijke bruiloft, menen dat je zoiets je omgeving niet kunt aandoen.

herhaling trouwpaarMaar we hebben er toch ook nog een positieve herinnering aan over gehouden. En wel een tastbare, want we hebben toen ook foto´s van onszelf gemaakt. Daarbij heeft Ina zich voor de grap nog weer in haar trouwjapon gehuld. Die ze nog altijd bewaard had en dus niet voor niets. Die trouwjapon paste haar nog perfect, na 23 jaar. Ik had mijn jacquet van deze dag nog, dus zo werden wij voor de camera opnieuw een paar en dat voelde best goed.





















tgv bruiloft Paul en Marlies


Paiul, Marlies en RubenHet huwelijk van Paul en Marlies is na enige tijd gezegend met een kind. En bij dat ene kind is het gebleven. Een beetje karig vergeleken met de ophef die van de bruiloft gemaakt is.
Ruben heette de boreling. Ruben groeide dus op zonder broertje of zusje.

We zagen hen niet zo vaak en vroegen dan wel eens aan Oma Hertjes hoe het met de familie van Paul en Marlies ging en hoe het met Ruben ging. Waarop zij eens het antwoord had. “Die Ruben , die is ja zo wies als gemalen poppenstront.” Officieel luidde het gezegde “zo fien als gemalen poppenstront.” Dat “fien” sloeg op de gereformeerden, in Assen nogal ruim vertegenwoordigd, die de bijbel veel letterlijker namen dan de hervormden.
Oma had wel meer grappige uitspraken. Dit was er een van. Carolien weet er nog veel meer.











Een paar jaar later heb ik voor de hele familie nog een keer een barbecue georganiseerd. Dat viel bij de schoonfamilie in goede aarde. Vooral bij Paul Jansen. “Volgend jaar bij ons” waren zijn enthousiaste laatste woorden. Hij was altijd enthousiast. Ik wacht nog steeds op de uitnodiging.

einde